Digitale communicatie in innovatietrajecten, blog en wederblog.

Mijn studiemaatje Martin heeft gedaan wat ik van hem vroeg.
Hij heeft geprobeerd antwoord te geven op mijn stellingen in deze blogpost en mij daarmee op weg geholpen om aan te scherpen. Dat doet hij in een blogpost en ik reageer daar nu weer op.
De vraag die direct bij mij opkomt, zijn wij nu samen kennis aan het creëren?

Stelling 1: We kunnen niet meer zonder digitale communicatie

Martin stelt daar terecht een aantal vragen bij: “Ga je er in stelling 1 van uit dat mensen niet meer zonder digitale communicatie kunnen? Bedoel je daarmee alle mensen? Kan niemand meer (echt helemaal niemand) zonder digitale communicatie? Op het werk zie ik namelijk genoeg collega’s die hun mobiel uitzetten als ze naar huis gaan en ook op vakantie lijken veel mensen goed te kunnen overleven zonder hun mobiel en laptop”

Wat mij betreft vindt alles waar wij ons nu mee bezig houden plaats in de werkcontext.

Binnen deze werkcontext durf ik te stellen dat we niet meer zonder digitale communicatie kunnen.
Het feit dat collega’s hun mobiel uitzetten en ook op vakantie out of office replies aan hebben staan is een keuze die zij maken. Dat betekent wel dat je daar als innovator rekening mee moet houden.
Ga er dan vanuit dat er meer is dan email: een weblog bijvoorbeeld, zodat je asynchroon blijft communiceren over de ontwikkelingen.
Het lastige is daarin wel de zogenaamde “haalplicht” van de ontvanger. Hij/zij bepaalt wanneer hij/zij wat leest en wat niet.

“Of bedoel je dat digitale communicatie niet meer is weg te denken uit onze maatschappij?”
Dat is natuurlijk koren op mijn molen om de aansluiting met mijn eigen innovatieopdracht weer op te pakken.
Ik denk dat digitale communicatie niet meer is weg te denken uit onze maatschappij! Daarom blijf ik zo hameren op “onderwijskundig leiderschap”  als het gaat om ict bekwaamheid van leraren.
De liefde moet van twee  kanten komen: geef leraren ook de goede instrumenten en keuzemogelijkheden om digitaal te kunnen communiceren.
Vier in Balans van Kennisnet blijft hierin cruciaal.

4inbalans

Het gaat te ver om er nu dieper op in te gaan….maar ik blijf bij mijn antwoord.
Digitale communicatie is niet meer weg te denken uit onze maatschappij.

Martin scherpt de stelling: Door digitale communicatie in te zetten, kun je het commitment dat je nodig hebt voor een innovatietraject vergroten en versterken wat aan.
Stelling 2B: Zonder digitale communicatie geen commitment! En klopt het dan nog steeds?
Deze stelling bekijk ik vanuit mijn eigen context in mijn innovatietraject.
Mijn doelgroepen zijn alle leraren van SKBO (bijna 400) en de betrokken leden van de ICT werkgroep.

Bij het uitzetten van de eerste 0-meting ICT bekwaamheid, maakte ik een grote fout voor wat betreft digitale communicatie. Ik was ervan uit gegaan dat “iedereen” altijd zijn mail las en dat “iedereen” altijd de nieuwsbrieven las.
Nee! Dus bij asynchrone communicatie zul je heel goed moeten beseffen dat de perceptie van de zender een andere is dan die van de ontvanger.
Daarnaast  is het taalgebruik in mails of nieuwsbrieven cruciaal. Spreek je dezelfde taal als je doelgroep? Begrijpen ze wat je bedoeld? Hierin herken ik de waarschuwing die Ruijters en Veldkamp geven in DRIE (2012).
Dit kan nog wel wat onderzoek gebruiken van mijn kant.

Stelling 3: Door digitale communicatie in te zetten, kun je het commitment dat je nodig hebt voor een innovatietraject meten.
Deze stelling ga ik herformuleren:
Door digitale communicatie in te zetten, kun je commitment in een innovatietraject meten.

Laten we dit eens wat kleiner maken en ons even focussen op onze blog uitwisseling. Natuurlijk hoef ik bij jou geen commitment te halen, alhoewel ik je wel heb aangezet tot het schrijven van een blogpost.
Welke strategie heb ik daarin gehanteerd? Wat heeft jou aangezet tot het schrijven van de blogpost? De weerstand tegen de bèta versie van het Kennisforum? Of de nieuwsgierigheid? Wat heb ik gedaan om je in beweging te krijgen?
Stel dat we dat iets uitbreiden met het meten van onze interacties hier (hoeveel bezoekers komen er op deze blogpost af) en kunnen we de bezoekers triggeren een reactie achter te laten?
Daarna zetten we er vervolgens een poll/survey naast, waarin we deze stellingen nogmaals poneren.
Kunnen we er ook zogenaamde ranking aan vast hangen? (likes, sterretjes).
Pak vervolgens alles op en plaats het op het intranet binnen je eigenorganisatie.

Ook dan is, vanwege de asynchroniteit, de “haalplicht” voor de ontvanger een issue.

Ik neem aan dat Twitter populariteit niet echt telt, maar vandaag (11 oktober) is zo’n tweet als hieronder  wel leuk om ter  illustratie op te nemen:
Top5

Stelling 4: Als innovator kun je meerdere communicatiestrategieën hanteren om commitment te krijgen.

Hiermee kan ik nu de volgende stap maken, want bij de keuzes van de communicatie strategieën zal ik een echt onderscheid moeten maken tussen asynchroon en synchroon communiceren.
Ik denk dat je bijna niet ontkomt aan zogenaamde “blended” communicatie, waarin je face to face afwisselt met digitale communicatie.
Waarom zou ik het zelf doen als innovator, kan ik geen ambassadeurs vinden?

Stelling 5: De innovator zou collega’s kunnen zien als verschillende doelgroepen waarmee op verschillende manieren en op verschillende plaatsen gecommuniceerd wordt.
Hier ga ik even terug naar stelling2B.
Het is dan heel belangrijk “welke taal je spreekt” en dat je test of iedereen begrijpt wat je wilt zeggen.

Martin geeft aan: Ik heb in mijn reactie ook willen laten “proeven” hoe beperkt ik digitale communicatie eigenlijk vind
Met digitale communicatie bereik ik in een beperkte tijdsspanne veel meer mensen. Door het verrijken van de media die je gebruikt om te communiceren kun je zelfs beïnvloeden en volgens mij wil je dat. Ook daar ga ik dus nog even induiken.

Bijna vergat ik dat Martin nog wat vragen had: “Dan is er nog een heel mooi persoonlijk stukje in je blog-bericht. Je schrijft dat jouw emoties bij a-synchrone communicatie vaak zo heftig zijn. Ik denk dat het heel interessant is om dat verder te onderzoeken. Wat gebeurt er dan precies? Welke overtuigingen van jou komen in de knel? Kun je hier een voorbeeld van geven?”

Dat ga ik (echt) onderzoeken. Als ik naar Freijters (2012)  kijk,  vraag ik me af welke belemmerende overtuiging opspeelt bij het lezen van een email, roddeltweet, blogpost discussies.
Ben ik liefdesverslaafd of leidt ik aan Calimerodenken? Of moet ik weer eens aan de slag met Kernkwadranten.
Hier kom ik dus op terug en probeer nog steeds mijn weerstand tegen dit deel van het thema weg te halen.

Dank Martin voor de tijd die je gestoken hebt in jouw antwoorden en weer nieuwe vragen voor mij!!
En dat wijntje staat, alleen als jij er een lekkere pizza bij bakt, want ik denk dat we daarbij niet alleen communiceren maar heel veel informeel leren.

2 comments

  1. Nou Karin,.. deze blog heb ik meerdere malen gelezen om goed tot me door te laten dringen wat er nou eigenlijk precies staat. Mooi verloop van een gesprek tussen jou en Martin.. bijna filosofisch..
    Een paar reactie’s: Misschien een onzin reactie, maar dan klik je er maar lekker doorheen:-).
    Haalplicht: ik zie dit niet als een belemmering maar juist als een kans. Als ontvanger bepaal je zelf wanneer je er toe bent om iets te lezen of er iets op uit te doen. Dat geeft ruimte. Waarom noem je het ‘plicht’?
    Je spreekt over een waarschuwing in DRIE .,.. wat is die waarschuwing.. je maakt me nieuwsgierig..
    Digitale communicatie zie ik niet als doel op zich, nog niet.. maar als een middel om, zoals Martin zegt, meer mensen te bereiken bv, of om te visualiseren, of om je te verrijken en nieuwe inzichten op te doen.
    Ik lees over commitment, digitale communicatie en innovatie. Is commitment uberhaupt te meten? Geen reactie betekent volgens mij niet dat er geen commitment zou zijn. Super interessant om hier over na te denken..
    Ik ben digitaal niet onhandig, mag ik misschien wel zeggen. Maar ik ben nog wel een beginnend twitter gebruiker, een beginnend atlas ti gebruiker, ik probeer in lessen programma’s als socrative uit, ik vind het een uitdaging om voor mijn werk te kijken hoe ik digitale hulpmiddelen kan inzetten. Maar nogmaals.. voor mij is het geen doel op zich in mijn communicatie maar een middel om mijn ideeën kracht bij te zetten? Of mijn onderwijs te verstevigen. Uit het eerste thema ‘teamontwikkeling’ heb ik vooral onthouden dat docenten en leerkrachten altijd bereid zijn om hun onderwijs of hun vak te verbeteren. Volgens mij ligt hier de insteek om digitale geletterdheid te vergroten?
    Mooie dingen ben je aan het doen en aan het ontdekken! Daar krijg ik energie van!
    Marike

  2. @Marike, dank voor je snelle reactie 🙂
    De waarschuwing in DRIE: pagina 31 “Taal is niet alleen sturend, maar kan ook vertroebelend zijn, Begrippen worden door elkaar heen gebruikt en geven verwarring” …..door andere woorden te kiezen kun je een onderwerp dichter naar de praktijk brengen”. (sorry APA mensen….niet helemaal volgens de regels)
    Natuurlijk is digitale communicatie geen doel op zich, maar een vorm van communiceren (dus een middel).
    De “haalplicht” benoem ik vanuit mijn rol als innovator, daarmee moet je rekening houden….ik noem het plicht omdat ik denk dat als je geinformeerd wilt zijn en blijven je dan (vanuit de werkcontext) die plicht hebt. Om ergens iets van te vinden moet je het wel gevonden hebben.
    Over die ict bekwaamheid….daar wil ik het IN een sessie op onze school nog wel eens over hebben 🙂

Comments are closed.