Over de uitslag mag wel worden geblogd.

Eerst dacht ik….laat gaan. Ik was toch al kritisch en wie niet meedoet mag niet zeuren.
Maar misschien juist omdat ik de prijs van de onderwijsraad niet serieus nam en dus een vreselijk flauwe blogpost indiende (of in liet dienen) en ook logischerwijs afviel, mag ik er wel over schrijven.
Het gaat dus niet om mijn verlies, want ik heb niet serieus mee gedaan.
En ik ben en blijf een Blogger …

Allereerst mijn persoonlijke mening.
Vanzelfsprekend is het fantastisch dat er aandacht is voor Bloggen en Bloggers, of in dit geval Edublogs en Edubloggers.
In de blogpost waarin ik aangeef waarom ik het niet eens ben met de criteria uitte ik al kritiek op de definitie kwestie, wat is een weblog en wat is een blogger?

Wat mij steekt?
Het feit dat wij in Nederland ca. 360 geregistreerde Edublogs en misschien nog meer Edubloggers hebben.
(Op verzamel- of groepsblogs schrijven mensen namelijk regelmatig en misschien publiceren zij zelf niet op een eigen weblog.)

Het feit dat veel van deze Edubloggers heel veel (eigen) tijd besteden aan het bloggen.
Het feit dat velen van hen dat regelmatig doen (anders ben je geen blogger).

Nu wint (zonder de schrijver te beledigen of de inhoud van het schrijfsel tekort te doen) een eendagsvlieg met 1 post geschreven in 2015 de prijs van 1.500 euro en een kunstwerk.

Ik ben het daar niet mee eens!

Dat er ‘slechts’ 31 inzendingen waren, zou de organisatoren aan het denken gezet moeten hebben.
Er werd ook nog eens een eigen definitie geformuleerd over wat een blogpost is en wat zij zagen als een weblog en een blogger.
Nog erger is dat een organisatie (of de jury) verwijst naar de wikipedia als enige bron voor de definitie van een weblog.
1 bron? foei
de wikipedia als bron? nog foeier!

Hun definitie van een blogpost werd omschreven als: een digitale essayistische, opiniërende bijdrage aan het publieke onderwijsdebat.
“De blogposten met ongetwijfeld waardevolle praktische tips en adviezen voor de collega’s in de onderwijspraktijk werden terzijde gelegd.”
Hiermee straal je als jury wat arrogantie uit en vraag je niet wat de lezers van de blogposts als reden aangeven om blogs te lezen, of om juist deze blogposts te nomineren. Volgend jaar zul je daarmee nog minder dan de 31 blogs binnenhalen bij de nominatieronde.
Ik vind dat je de betreffende bloggers degradeert, want juist deze “kennisdeling” maakt weblogs tot weblogs.
Even verder:
Deze blogposts: ontbeerden het aanzetten tot discussie, of op zijn minst tot nadenken. Dat je je als lezer gaat afvragen: welke visie hang ik aan, en is het waar wat er in die blog geschreven staat?’
Het zal wel, maar juist nieuwe ontwikkelingen en innovaties (of de weerstend ertegen) zetten wel aan tot denken.
Wat kan ik ermee en wat wil ik ermee, zit onderwijs wel te wachten op die hippe hypes?


Nu even terug naar de echte “grote mensen” definities en niet die uit de wikipedia.
Vooral omdat het zo stoer is om met  veel bronnen te schermen..onderstaand even een leuke bloemlezing:


“Technically speaking, a blog is a Web site comprised of a collection of posts or entries usually constructed by a single author and organized in reverse chronological order. Blogging, as a different and unique form of literacy, invites a new form of participation in a given discourse—in this case, teaching and learning.”

[Bron] April Luehmann

  • Blogs are frequently updated webpages with a series of archived posts, typically in reverse-chronological order” (Nardi, et. al. 2004: 1).
  • “Modified web pages in which dated entries are listed in reverse chronological sequence” (Herring, et. al. 2004).
  • “Blogging as Social Activity, or, Would You Let 900 Million People Read Your Diary?” (Nardi, et. al. 2004).

[Bron] Uit A Blogger’s Blog: Exploring the Definition of a Medium
Nog meer uit deze bron:

  • Bloggers identify with their blog, seeing it as them (Reed 2005).
  • A blog, an individually maintained web page, has been a social phenomenon for the last decade (Boyd & Ellison, 2007).
  • Blogs can be online personal journals (Wang & Hsua 2008).
  • Web-based media facilitating communication and interaction with other bloggers (Godwin-Jones, 2003)
    Interactive knowledge-exchange tools (Herring et al., 2005).
  • Blogs also can capitalize on the strength of authentic writing, the power of the writing process, and the engagement of collaborative writing (Boling, Castek, Zawilinski, Barton, & Nierlich, 2008).

En nog even 16 andere (niet wetenschappelijk bewezen) definities
http://www.betekenis-definitie.nl/weblog

Authenticiteit, eigenheid, een eigen mening, kennisdeling en vragen om mee te denken zijn kenmerken van weblogs.
Daartoe zijn bloggers op aard!
Een artikel op een website maakt iemand niet tot blogger en het artikel niet tot een blogpost!

Dan tot slot
De jury kent het onderscheid tussen een weblog (website met daarop een blog) en een platform niet.
Een weblog is geen platform. De plaats waarvan bloggers soms gebruik maken (wordpress, blogger) of de gebruikte software is een platform.
Van een van de genomineerden werd aangegeven dat hij een eigen website heeft, ja daar staat vaak een weblog op.

Ook nog even over de aparte vermelding van de Edubloggers:
Uit het juryrapport: 
“Een bijzondere inzending is die van de Edubloggers. Een groep onderwijsmensen die op een gezamenlijk platform hun blogposts plaatsen én reageren op elkaars bevinden…”
Hieruit blijkt dat geen enkel jurylid de moeite genomen heeft een kijkje te nemen op edubloggers.nl

Edubloggers.nl is een verzamelplaats van de mensen die zelf- of samen een weblog hebben en zich via een formulier aangemeld hebben. Vervolgens worden er door middel van RSS feeds samenvattingen van de originele posts geplaatst. Bij verder lezen van een post komt de lezer uit op de oorspronkelijke weblog.
Er vindt dus NUL interactie plaats!
De reden dat edubloggers ontstaan is,  is dat op die manier ook kleine (niche) edublogs een verdiende plaats hebben en ook meer lezers krijgen.
Er ontstaat dus geen enkele verdieping.

In de shortlist stonden in elk geval een paar ECHTE  Edubloggers…de prijs had naar een van hen moeten gaan!

Over naar de orde van de dag!
Hier kun je het juryrapport zelf lezen, want mijn mening is ook maar een mening

Dag Bestuur BON daar ben ik weer.

Blijkbaar ben ik de domme doos die telkens weer probeert uw vereniging ter verantwoording te roepen.

Ik schreef al een tijdje geleden een blogpost met daarin het verzoek om een discussielijn van uw forum te verwijderen.

Gelukkig was uw website net aan vernieuwing toe en verdween het forum van uw website. Daarmee was het probleem, voor wat betreft ongenuanceerd modder smijten, opgelost.

Helaas is bij het opleveren van uw nieuwe website een onderdeel komen te vervallen.
De regels met betrekking tot fatsoenlijk gedrag bij de reactiemogelijkheid op items.

Ik denk daarbij aan:

  • personen beschadigen.
  • niet op de bal maar op de man spelen,
  • smaad
  • plagiaat
  • overtredingen mbt de algemeen geldende netiquette
  • slecht voorbeeldgedrag naar uw doelgroep.

Natuurlijk kiest uw vereniging liever voor het Geenstijl model.
Reaguurders met de meest exotische namen kunnen aan naming en shaming doen, zonder zelf hun echte identiteit prijs te geven.
Sterker nog, u stimuleert (ter bescherming van wie ook alweer?) anoniemen en pseudoniemen.
Blijkbaar is het heel lastig om kritisch te zijn op eigen titel, maar des te makkelijker om onder een pseudoniem personen en organisaties af te branden. 

Aan U en uw bestuur laat ik de wijsheid van de gemaakte keuzes.


(Tussen U en mij: het zou echt  HILARISCH zijn als U reacties die eigenlijk niet door de beugel kunnen, zou verwijderen. Daarover gaan namelijk de reacties hier.)

Ik ga 1 keer met naam en toenaam hetzelfde doen om mijn eigen naam, mijn bedrijf en mijn mede beschadigden recht te doen.

  • Ik eis dat uw  bestuur afstand neemt van mijnheer Joost Hulshof en zijn uitingen op uw website. Voor het geval u niet weet wie dat is….hij is bij uw vereniging bekend als FriendlyFoe.
  • Ik accepteer niet dat mijnheer Joost Hulshof op uw website nog langer de ruimte krijgt om daar zijn persoonlijke mening te ventileren. Dat hij mij op persoonlijke titel een charlatan noemt is zijn persoonlijke mening.
  • Mijnheer Joost Hulshof mag op Twitter zeggen wat hij wil, maar de website van Beter Onderwijs Nederland mag niet het platform zijn waarnaar hij linkt. Het mag ook niet het platform zijn waarop hij mensen beschadigd en beschimpt.


Het is hoog tijd voor Beter Onderwijs Nederland om publiekelijk afstand te nemen van een enkel lid.

Ik accepteer het niet om tot charlatan bestempeld te worden met daarin een link naar uw website om dat te illustreren.

Blijkbaar mag hij dat allemaal van U. Maar niet meer van mij!

Deze Tweet was  de aanleiding tot deze blogpost.

bahWanneer wij spreken over een voorbeeldfunctie van inspirerende leraren die de jeugd begeleiden naar een kansrijke toekomst, mogen we dit gedrag niet tolereren.
Doodzwijgen en wachten tot de ellende overwaait is geen optie!

Ik roep dus bij deze mijn lezers ook op om in opstand te komen tegen een eenling die niet gecorrigeerd wordt door zijn eigen achterban!

NOOT 1: @BestuurBon heeft de PDF naar een Blogpost naar aanleiding van een Tweet verwijderd. Daarvoor DANK!)

NOOT 2: Taalpuristen moeten even wachten met hun kritiek, soms schrijf ik een blogpost uit het hart. Het hoofd (de interpunctie) volgt.

Strafregels deel twee

Als mijn lezers studenten waren, had ik gezegd, lees nou eerst wat er staat. Het kan natuurlijk ook zijn, dat wat ik in mijn hoofd had, niet duidelijk in de blogpost stond, dan is het mijn eigen schuld.

Mijn TGIF van gisteren ging over het elkaar openbaar afvallen als “leraren onder elkaar”, niet het feit dat ik het eens was met de 100 strafregels.

In de late uurtjes kabbelde het gesprek online verder, soms wat scherper omdat (net als ik) ouders en leraren vinden dat wanneer er strafwerk aan te pas moet komen, dit op z’n minst leerzaam moet zijn. Ik denk zelf dan wel, het moet niet leuk worden om strafwerk te krijgen, daar is het volgens mij niet voor bedoeld.

Terug in de historie van mijn eigen schoolloopbaan (en in mijn geheugen).
Op de lagere school (Montessori) was er geen strafwerk, tenminste ik kan me dat niet herinneren. Heel soms werd je wel even op de gang gezet (vergelijkbaar met het strafstoeltje?) Op vrijdag als de frater muziekles kwam geven, werden we gecorrigeerd door een vals rukje aan het oor. Je moet er nu niet aan denken dat een leraar een kind aan het oor trekt, dan komt de hele wereld in opstand.

Op de middelbare school (Bonifatius) was ik niet de meest brave leerling en het verbaast me nu soms dat er niet heel veel georganiseerde streken meer worden uitgehaald. Wij maakten het de leraren als groep niet makkelijk. Van te voren afspreken een wekker mee naar school te nemen en deze om de 5 minuten af te laten gaan. De tafel op het podium op scherp zetten. Ik heb zelfs gepresteerd om in het scheikunde lokaal de douche bij de deur aan het werk te zetten met visgaren. Dat allemaal terzijde.

Voor ons was het eigenlijk ook geen straf om eruit gestuurd te worden, dan konden we eerder in de kantine onze favoriete plek bezetten.

Ken je deze nog?

Het strafwerk
Bij mijnheer Muller die niet mijn grootste fan was….en ik niet de zijne…kreeg ik zelfs een keer 200 strafrgels. Wir fahren hin und sehen die Affen. We schreven in de pauze van het blokuur met een man of 10 en plakten net voor de les weer begon alle strafregels in het lokaal op de ramen.
Het schoolplein vegen, terugkomen na school en alle standaard straffen (wees er maar eens creatief mee) passeerden de revue.

Het is het strafwerk van de leraren Frans en Engels dat ik toen wel maar nu niet meer als straf zie. Mijnheer van Geffen had cassettebandjes in zijn lade en bij strafwerk kreeg je er een mee naar huis. Vertaal het 6e nummer van kant A.
Het is door dit strafwerk dat ik fan werd van Michel Fugain et le Big Bazar.

Ga u gang:


en

Strafwerk Engels: Leer uit je hoofd en draag voor.

My heart leaps up when I behold
A rainbow in the sky:
So was it when my live began;
So is it now I am a man;
So be it when I shall grow old,
Or let me die!
The Child is father of the Man;
Ans I could wish my days to be
Bound each to each by natural piety

                       William Wordsworth

Welk strafwerk is niet leuk en toch zinvol?
Het moet wel een straf blijven natuurlijk en in relatie staan tot de overtreding.
Wordt er over strafwerk gesproken in de lerarenopleiding en welke straffen leerzaam zijn?
Via Twitter kreeg ik deze boekentip. (dank @FransvHaandel)

 

Over een lerende organisatie en quasi bekwaam zijn?

In het schooljaar 2005-2006 mocht ik deelnemen aan een traject om mijn pedagogisch-didactische startbekwaamheid BVE docent te behalen. Op grond van dit traject is ook mijn toenmalige aanstelling voor onbepaalde tijd in de functie van BVE-docent LC tot stand gekomen.

Voor de zomervakantie van 2015 kreeg ik een mail van een ex-collega. Hij gaf aan dat zijn “bevoegdheid” niet geldig was omdat het traject wat wij doorlopen hadden niet onder de verantwoordelijkheid van een lerarenopleiding viel. Blijkbaar was halverwege het traject de samenwerking met de hogeschool verbroken.
Er is wat mailwisseling over en weer geweest en daarna werd het weer stil, de ondernemingsraad zou het gaan oplossen.

Gisteren kwam er via Facebook een bericht van een andere ex-collega, dat ook zij een gesprek aan moet gaan bij P&O met betrekking tot het niet hebben van een geldige bevoegdheid/aantoonbare bekwaamheid.
De enige oplossing die geboden wordt is het opnieuw doorlopen van een nu wel erkend traject.

Dit voelt niet goed, vandaar deze blogpost. Ik doe dit ook omdat de ex-collega’s aangeven dat zij dit zelf niet durven. Blijkbaar loopt P&O op de wet registratie lerarenregister vooruit of hebben zij een waarschuwing van de onderwijsinspectie aan de broek.

De situatie in 2005-2006: wij werden allen gezien als zij-instromers en in dienst bij het ROC.

Wat zegt de overheid over zij-instromers?

“Zij-instromers hebben een hbo-diploma of een universitaire opleiding; of een mbo-diploma met minstens 3 jaar praktijkervaring in het beroep waarop het onderwijs is gericht.
Bovendien moet een zij-instromer kunnen aantonen een hbo- of universitair denk- en werkniveau te hebben.
Zij-instromers die niet aan bovenstaande criteria voldoen, dienen eerst een assessment te doen. Als deze met een goed gevolg wordt afgelegd, dan krijgt de zij-instromer een geschiktheidsverklaring. Hiermee kan hij in tijdelijke dienst worden benoemd. Om een vaste aanstelling te krijgen, moet hij binnen twee jaar een bewijs van voldoende didactische bekwaamheid halen. Dit bewijs kan gehaald worden door een pedagogisch didactische cursus te volgen.
[bron]

Terugkijkend:
Er heeft geen assessment plaatsgevonden, mijn klasgenoten (en ik) hebben niet formeel aan hoeven tonen een hbo- of universitair denk en werkniveau te hebben. Veel van de deelnemers waren al (lang) in dienst van het ROC en gaven er ook gewoon les. Sommigen deden dat pas kort anderen al fors wat jaren.

Het gros van deze mensen geeft dus nu 10 jaar les in het mbo en zij verkeerden tot nu toe in de veronderstelling dat ze op grond van het doorlopen traject ook bevoegd waren om les te geven.
Velen van hen zijn ook benoemd in een docent aanstelling voor onbepaalde tijd.

Hoe zit het als het bevoegd gezag zich zou beroepen op de WEB.

Uit artikel 4.2.4 van de  WEB (Wet op Educatie Beroepsonderwijs):

“Indien betrokkene niet in het bezit is van een getuigschrift als bedoeld in artikel 7a.4 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, stelt het bevoegd gezag vast, welke scholing en begeleiding voor betrokkene noodzakelijk zijn om binnen twee jaar na benoeming of tewerkstelling zonder benoeming te kunnen voldoen aan de in artikel 4.2.3, derde lid onder a, genoemde bekwaamheidseisen ten aanzien van pedagogisch-didactische kennis, inzicht en vaardigheden.

“….geeft het bevoegd gezag, de werkgever, een geschiktheidsverklaring af. In dat geval dient betrokkene wel aanvullende pedagogische didactische scholing bij een lerarenopleiding te hebben gevolgd, resulterend in een getuigschrift pedagogisch-didactische scholing WEB of anderszins een bewijs van voldoende pedagogisch-didactische kennis, inzicht en vaardigheden, uitgevoerd door of onder verantwoordelijkheid van de lerarenopleiding dan wel dit bewijs binnen 2 jaar behalen.
Indien dit niet binnen 2 jaar lukt, kan er maximaal 2 jaar uitstel zijn: in dat geval verklaren het bevoegd gezag en de betrokkene in ieder geval
schriftelijk dat betrokkene verplicht is zich in te spannen om binnen de verlengingsperiode alsnog te voldoen aan de eisen.”

Oh en…..

“De wetgever schrijft voor (artikel 4.2.3a. van de WEB), dat het bevoegd gezag t.a.v. elk personeelslid dat een functie of werkzaamheden verricht waarvoor bekwaamheidseisen zijn vastgesteld, moet beschikken over geordende gegevens met betrekking tot de bekwaamheid en het onderhouden van de bekwaamheid”.

Wanneer ik nog werkzaam zou zijn bij dit ROC zou ik vandaag nog, het bevoegd gezag in gebreke stellen. 

  1. Het bevoegd gezag heeft gedurende het traject (en ook later niet) aangegeven dat de samenwerking met een hogeschool is komen te vervallen. Het certificaat is enkel ondertekend door ons CVB en de (interne) opleider). Bij het eind-assessment was er een assessor van de hogeschool aanwezig, die ook tijdens het traject workshops verzorgd heeft.
  2. Het bevoegd gezag heeft een groot aantal van de deelnemers aangesteld in een docentfunctie voor onbepaalde tijd (er zijn inmiddels mensen in LC en LD aanstellingen werkzaam).
  3. Indien (want ook de deelnemers hadden verantwoordelijkheid) de betrokkene niet binnen 2 jaar maar maar iets later het bewijs tot deelname aan een pedagogisch didactisch traject onder verantwoordelijkheid  van een hogeschool zouden gaan behalen, moesten ze dat BEIDEN schriftelijk vastleggen. Dat schrijven is er nooit geweest.
  4. Er wordt aangegeven dat nergens te achterhalen is waar de gegevens van dit traject gebleven zijn. Er is geen archief van bijgehouden of terug te vinden.
    Dat betekent dat de werkgever 10 jaar lang geen deugdelijke bekwaamheidsdossiers heeft bijgehouden.
  5. Formeel ben ik nog steeds niet op de hoogte gebracht van deze discussie die wel bij het ROC intern loopt. Voor mij heeft het nu geen consequenties, omdat ik wel cursussen en opleidingen gevolgd heb in de periode daarna (OU onderwijskunde modules en de Master Leren en Innoveren).

Daarom wil ik toch ook iets over de professionalisering van mijn ex-collega’s zeggen. Ze teren blijkbaar al 10 jaar op een (wat mager) traject van 9 maanden waarin ze de pedagogisch didactische startbekwaamheid BVE behaalden. Dat zou inhouden dat zij sinds die tijd geen formele scholing gevolgd hebben, anders zouden de bevoegdheidsbellen bij P&O niet gaan rinkelen.

Dat reken ik niet alleen hen, maar ook het bevoegd gezag en met name de leidinggevenden en HRM zwaar aan.
Want wat zegt dit over een lerende organisatie, het stimuleren van professionalisering van leraren en het bijhouden van de bekwaamheid van je personeel in een bekwaamheidsdossier?


Mondigheid en omgangsvormen.

De afgelopen week heb ik bij toeval met leraren gesproken over de mondigheid van ouders. De leraren zijn werkzaam bij verschillende scholen en schoolsoorten.
Met mondigheid bedoel ik niet ouderbetrokkenheid maar echt de manier waarop ouders zich roeren in- en rond een school.

Een paar voorbeelden die ik hoorde….

Casus 1: Na herhaaldelijk waarschuwen omdat een leerlinge constant de les bleef verstoren, haalt de docent de leerling naar de voorste rij in de klas. Toch blijft de leerlinge doorkletsen en storen dus besluit de docent de leerling uit de les te sturen. Na de les werd er gesproken met de leerling en legt de docent uit waarom de leerling weggestuurd werd. Er worden afspraken gemaakt voor een volgende keer. Dezelfde avond belandt er een mail op hoge poten in de mailbox van de docent. Mijn dochter geeft aan zonder enige reden de les uitgestuurd te zijn: “ik deed helemaal niks, de juf heeft gewoon een hekel aan mij”. Of de juf even wil uitleggen waarom en de moeder geeft aan daar de volgende dag een hartig woordje met de juf over te willen spreken.

Casus 2: Een ouder en de leraar zijn het niet met elkaar eens over de pedagogische aanpak van een van de leerlingen. De ouder uit dat ongenoegen -in plaats van bij de directie- op het schoolplein. De ouder start daarop een handtekeningen actie om de leraar te verwijderen van school. Deze handtekeningen worden aan de directeur overhandigd vergezeld van een vlammend betoog….wij ouders eisen…

Casus 3: Enkele ouders hebben het privé (dus buiten school) met elkaar aan de stok. Regelmatig wordt dat op het schoolplein, soms zelfs fysiek, uitgevochten. Een van de ouders eist daarop dat het kind van de andere ouder in een andere klas geplaatst wordt. De school geeft daaraan geen gehoor en de leraar wordt IN de klas geïntimideerd door de eisende ouder. Beide ouders vechten het verbaal en fysiek met elkaar uit IN de klas.

Gisteren zag ik een nieuwsitem voorbij komen over een juf die uit wanhoop een kind op de stoel vastgebonden had. De directeur sprak daar in de pers schande over en liet nog enkele zaken vallen over berispingen en personeelsdossiers. Vanzelfsprekend ben ik geen voorstander van fysiek aanpakken van kinderen en vastbinden en afranselen.
Hoe komt dit verhaal in de pers? Wie heeft de krant benaderd? De boze (terecht geschrokken) ouder of de directeur die publiekelijk zijn werknemer afvalt?

Zo zijn er waarschijnlijk nog veel meer voorbeelden te vinden, die weinig over de kwaliteit van het onderwijs, de professionele houding van de docenten en het schoolklimaat zeggen. De voorbeelden hierboven zeggen iets over de mondigheid van ouders. Ook zegt het iets over het enkel denken aan “mijn kind” in plaats van 32 keer ”onze kinderen” of zeg 450 keer “onze school”.

Daarom gleed er vanmorgen een zure glimlach over mijn gezicht toen ik de eerste uitkomsten van de enquête las, die het AD uitgezet heeft.

68% van de invullers vind dat er op school les moet zijn in omgangsvormen.
enquete

Dat de invullers vinden dat er lessen in moeten komen verbaast me dus niet gezien de boven beschreven voorbeelden. Als je niet in staat bent om zelf correcte omgangsvormen te hanteren, moet je dat “opvoedingsprobleem” vooral bij de school neerleggen.

Laat dan de ouders thuis de lessen levensbeschouwing maar geven. Oh en maak gelijk even afspraken met je kinderen over kledingvoorschriften. Want de school kan er maar 1 opvoedingstaak tegelijk bij krijgen.

äfspraken
Wedden als we op scholen een normen en waarden debat organiseren dat dan de zaal leeg blijft. Op dat moment hebben we het namelijk over ouderbetrokkenheid en niet over hoe we met elkaar omgaan.

 

 

Een verloren dag…..met stil verlangen naar…

Eigenlijk te gek voor woorden, maar wij gaan ervan uit dat internet het altijd doet. Net als elektriciteit en stromend water.
Nadat ik gisteren aankondigde meer offline te gaan, plande ik mijn dag vandaag vol af te handelen zaken. Nou maak ik voor de opdrachten die ik heb, voor het grootste deel gebruik van online omgevingen.

Kan gebeuren….een uurtje…twee uurtjes zonder internet. Dat accepteer je en ik gebruik dan mijn mobiele telefoons (ja ik heb er twee voor het geval een van de providers storing heeft).

Waar ik deze blogpost over schrijf is het feit dat je er als aanbieder voor moet zorgen dat je communicatie klopt en actueel is. Dat was vandaag bij Ziggo en @ZiggoWebcare helemaal niet het geval.
Ik heb medelijden met de dames en heren aan de telefoon en ik heb me ook netjes gedragen aan de telefoon, zij kunnen er ook niets aan doen.
Toch een verslag wat er fout ging, want wie weet is het een lerende organisatie.

Vanmorgen verscheen er bij het starten van de browser een melding dat ik moest inloggen op het modem. Daarvan wist ik dat de standaard inlog: ziggo – draadloos al eens door mij veranderd was.
Bij inloggen met de eerder gewijzigde gegevens lukte het ook niet.
Dan is het slim om even op de site van Ziggo te kijken en te zien of er een storing is…..geen storing gemeld.

klopt

Vervolgens met mijn mobiel naar Twitter om te zien of @ziggowebcare er melding over maakte.
De laatste storingsmelding daar was van 17 mei over Fox Sports kanalen.

Dus er een paar Tweets uitgestuurd, ik wacht trouwens nog op antwoord.

Er zat niets anders op dan te bellen naar het 0900-1884 nummer want vast bellen doen wij al 10 jaar niet meer.
Na minstens 6 verwijzingen dat op www.ziggo.nl meer informatie te vinden was (IK BEL JUIST OMDAT IK GEEN INTERNET HEB), het keuzemenu veranderd is, er een phishing mail in omloop is….door een mevrouw die wel erg langzaam praat. De start van de muzak en de al onze medewerkers….8 minuten wachttijd….best goed te doen…..koffie….koekje.

“Met Ziggo klantenservice, zegt u het maar: nou ik heb geen internet en het modem blijft op inloggen hangen. Ik heb de kabel vanuit de kast er al aangehangen….dus als u even wilt resetten zijn we zo klaar”.
“Oh maar mevrouw…..ik zie u niet….kijk, wij zijn de klantenservice van UPC en wij kunnen u niet zien.
Maar geen probleem ik verbind u door naar het juiste nummer”.
Klik… al onze medewerkers zijn in gesprek, de gemiddelde wachttijd is 20 minuten.

Zucht

Toch (na zelf van alles gelezen te hebben in handleidingen) weer een poging om te bellen.
Slim….met een andere telefoon en ja mijn locatie stond aan……zelfde riedel….zelfde helpdesk….ja die van UPC dus.
Maar een gelukje of een slimme medewerker…ik ga rechtstreeks door naar Ziggo.
“Oh jee….er is een grote storing…ja wel tot 17.30 uur eer het opgelost is”.
Afijn, berusting en de vraag of er ergens een melding komt als alles weer werkt gezien het mij doodzwijgen van webcare op Twitter en mijn eigen onwil om weer te bellen.
Gelukkig kan er in het systeem ingesteld worden dat er storing is en dat deze opgelost is.
Om 16.24 uur ontvang ik het SMS’je.

Dat internet het niet doet….kan gebeuren.
Maar dat de communicatie het niet doet anno 2015 is onvergeeflijk.

Oh en Ziggo…..misschien eens kijken naar tijdelijk twee 0900 nummers. Misschien online sneller de storing melden zowel door webcare als op de site.
Zomaar gratis tips van mij….na een erg duur dagje want al mijn werk ligt er nog, voor niet werken kan ik geen rekeningen sturen, dit in tegenstelling tot Ziggo.

Een verloren dag…..met stil verlangen naar…

#IPON Stimulerings Award, André Manssen en Edubloggers.

We vonden het als Edubloggers al een eer om op de IPON een eigen plek te krijgen, persoonlijk had ik een gevoel van erkenning. We doen ertoe!
Toen ik vanmiddag bij een lekker glas wijn naar het podium keek, zat ik daar ook een beetje te glimmen. Gewoon het ergens bij horen en omdat de  Edubloggers (af en aan) 250  zo’n gekke club mensen is.
Als kers op de taart werd vanmiddag de IPON stimuleringsaward uitgereikt aan André Manssen, zeer verdiend en een kroon op zijn werk.
Voor alle Edubloggers, wij mogen het voelen als een award van ons allen.
Zojuist kreeg ik het juryrapport in de mail en ik deel dat zo graag met jullie.
Deze is voor Andre Manssen…..maar ook voor alle Edubloggers.


Juryrapport

Op het gebied van ICT en onderwijs hebben zich vanaf het begin vele pioniers met passie op de mogelijkheden van ICT in de dagelijkse onderwijspraktijk gestort. Hun ervaring delen zij in magazines, in nieuwsbrieven, op websites en in blogs. Ze worden met een moderne verzamelnaam ook wel de Edubloggers genoemd. Wie kent bijv. in het Primair onderwijs Jack Nowee niet van de Webpaden of Susan Spekschoor, eindredactrice van Kleuterportaal, startpagina met digibordtools voor kleuters.

In het Voortgezet Onderwijs is Frans Peeters met zijn Informatica voor het VO een onvermoeibare stimulator voor het informaticaonderwijs. En Harry Dubois waar je altijd kunt aanschuiven in zijn ICT-Café en over techniek kunt discussiëren. Herman van Schie met zijn grote verzameling ICT-ideeën.

In het MBO natuurlijk Willem Karssenberg, de trendmatcher zoals hij zich noemt. Hij onderzoekt ontwikkelingen in het dagelijks leven met de mogelijkheden daarvan in het onderwijs. Karin Winters, die met haar kritische tweets en blogs vaak de vinger op de zere plek legt. En Florina Blokland die haar liefde voor natuur combineert met haar passie voor technologie

Dit zijn maar een paar mensen uit een lange lijst van gedreven docenten, die graag hun kennis en ervaring delen met anderen. Al deze mensen zouden een IPON Award verdienen, maar dat kan spijtig genoeg niet, hoe terecht dat ook zou zijn. U vindt ze allemaal op www.Edubloggers.nl

Van Juryvoorzitter Louis Hilgers
De jury wil daarom al deze mensen eren door de bijzondere stimulerings- of oeuvre Award dit jaar toe te kennen aan iemand die een begrip is in de onderwijswereld. Iemand die al jaren een bijna onuitputtelijke bron biedt aan webtools, handige tips & trucs, lesmateriaal, lesideeën en andere online zaken. Hij was jaren hoofd van school en lid van de bovenschoolse Taakgroep ICT. Tegenwoordig blogt hij ‘vanaf de zijlijn’ zoals hij op z’n website vermeldt. Hij schreef vele artikelen over onderwijs-en-ICT.

We hebben het hier over de ‘Godfather van het Edubloggen’, een onderwijsman in hart en nieren … André Manssen … Hij verdient deze IPON Award ten volle.

Een wekker voor mijnheer Dekker.

Natuurlijk moeten de Nederlandse scholieren goed Nederlands lezen en schrijven.
Ook is het wenselijk dat zij de Engelse taal redelijk beheersen (alhoewel ik me afvraag of het niet beter Chinees kan zijn) en goed kunnen rekenen.
Ik bestrijd natuurlijk helemaal niet, dat er een sterke basiskennis nodig is.
Niks mis met rijtjes knallen en hoofdrekenen….maar…
Was het niet de bedoeling van de huidige regering de kwaliteit van onderwijs te vergroten?
De docenten de verantwoordelijkheid voor hun eigen professionalisering te laten nemen?
De regeltjesgeest even in de fles te stoppen?

De jeugdwerkeloosheid is schrikbarend hoog.
Natuurlijk, vanwege de economische crisis….maar komt het ook niet een klein beetje de lage lonen landen heel veel werk van ons overnemen?

Zijn we daarom een kenniseconomie, omdat we de handen ergens anders zoeken?

Gaan we nu de leerlingen die stampen en leren wat minder makkelijk vinden,  maar echt fantastische dingen met hun handen en hoofd kunnen,  nog dieper de put in duwen?
Het MBO heeft even lucht, vanwege het uitstel van de centrale examinering, die gaat gelukkig nog even niet door.
Nu moet de onderbouw van het voortgezet onderwijs er aan geloven.
Testen, testen en nog eens testen.
Gaat Nederland daardoor echt stijgen op de lijsten als het gaat over de Kenniseconomie?
Moet je als je iets aan onderwijs en het verlangen erbij te horen in de lijstjes,  niet iets anders ondernemen?

Als ik in mijn huidige beroepspraktijk kijk, zie ik dat een verse Master of Bachelor echt een aantal competenties mist om zich staande te houden in de grote mensenwereld. Daarover maak ik me meer zorgen dan hun taal en rekenvaardigheden.
ITIL en Prince, stampen, leren en certificeren.
Gecertificeerd zijn, wil echter niet zeggen, dat je een goede change- of projectmanager bent. Je kunt dan de regeltjes volgen en dashboards invullen, maar ben je daarmee een goede manager van de processen?
Natuurlijk niet, daar heb je communicatieve vaardigheden, creativiteit, omgaan met veranderingen en flexibiliteit voor nodig. Dat maakt een goede change- of projectmanager nou zo goed.

wekker

Wakker worden mijnheer Dekker
Het is blijkbaar makkelijker een wetsvoorstel voor toetsen in te dienen, dan na te denken  waar het in onderwijs werkelijk over gaat en naartoe moet.
Denk eens aan: onderwijsinnovatie, flexibilisering, tijd- en plaats onafhankelijk leren, een leven lang leren, beoordelen van het geleerde  in de beroepscontext, aantonen van informeel leren, stimuleren en faciliteren van kennisdeling, het leren van de experts, overal beschikking hebben over technologie om leren te ondersteunen.

Nee, we knallen er weer een toetswetje  in, investeren in een digitaal adaptief kennis toetssysteem…dat waarschijnlijk in de lage lonen landen gebouwd gaat worden…want hier hebben we het te druk met toetstrainingen.
Ja ja, ik weet dat het een “diagnostische toets is”,  maar die lijstjes hè…waar ook scholen weer op afgerekend gaan worden.

Straks kunnen we in onze kenniseconomie prachtig plannen schrijven maar kunnen we ze ook uitvoeren?

Wet tegen pesten: schijnveiligheid wekt schijnheiligheid op

melk

Ik las ergens dat een juf aan het begin van het jaar de nono termen met een klas afspreekt, dus Oen mag wel en Sukkel mag niet (of andersom)
Een van mijn jeugdtrauma’s ligt bij dat moeilijke gedoe over woorden en begrippen.
Toen ik klein was (ja ja u kunt zich daarbij niets voorstellen) zei mijn moeder als ik gepoept had Ellluk (of Elk…zoiets als bah of Ieieiek).
Mijn eerste schooldag bij de Nonnen was spannend (denk ik) maar toen ik naar de WC moest kon ik ze niet duidelijk maken wat ik wilde, ik moest Elken.
Het resultaat kunt u zich wel voorstellen neem ik aan en de zuster was er vast niet blij mee.

Toen mijn kinderen leerden praten, leerde ik hen dus gewoon te zeggen waar het op stond. Dit, om te voorkomen dat de zelf bedachte woorden,  niet tot een traumatische ervaring zouden leiden.
Dus poepen was poepen en plassen was plassen…klaar!
De juf op de basisschool dacht daar anders over. Kinderen deden een grote of een kleine boodschap of erger…ze moesten drukken??? Bij drukken denk ik aan een boek of een deurbel.
Daar begint volgens mij een probleem, waar wij allemaal mee worstelen…wat kan wel en wat niet en wie is de baas over de vocabulaire van kinderen?

Naarmate mijn kinderen ouder werden, pikten ze her en der prachtige termen op die noch op school en zeker bij ons thuis niet gebezigd werden. Van de TV, Radio of op straat pikten ze alle geslachtsdelen, ziekten en varianten van seks
op.
Als het te gortig werd, pakte ik een wekker, tilde de boosdoener op tafel en gaf hem of haar 10 minuten het podium om alle lelijke woorden ongestraft te declameren.
Na de 4e KutLul en Hoerenjong, kwamen ze meestal niet verder dan vette frikandel.
Scheldwoorden zijn namelijk zo op als je ze mag zeggen.

Vreselijk leuk was het ook om het jongste broertje de middelvinger en FuckYou aan te leren op momenten dat ik even niet oplette.
Natuurlijk probeerde ik het FuckYou om te zetten in ThankYou en legde uit dat het “dank je wel” betekende.
Toen bij de slager er een plakje worst over de toonbank kwam, stak de zoonlief de middelvinger in de hoogte en zei ThankYou.
Over niet te regisseren gedrag gesproken.

Allemaal woorden en teruglezend allemaal wel grappig en redelijk onschuldig…maar ook heel gecompliceerd als je er bij nadenkt.

Volgens mij begint en stopt pesten en schelden niet bij de voordeur van school, dacht ik toen ik de volgende regelnichterigheid van Sander Dekker las.
Sterker nog ik denk dat deze wet schijnveiligheid biedt en schijnheiligheid opwekt
De verhuftering van de samenleving bevindt zich volgens mij veel meer buiten dan binnen de schoolmuren en over het algemeen geven wij als volwassenen niet echt het goede voorbeeld.

De uitwassen van pesten en gepesten liggen tegenwoordig in no-time op straat (lees online), maar moeten we om drama’s  te voorkomen de docent en de school verantwoordelijk maken?

Bovenstaande voorbeelden van mij en de realiteit van alledag hebben niets met school te maken maar des te meer met opvoeding door ouders, de omgeving en wat wij allen met elkaar afspreken.

Volgens mij is iedereen ongeacht zijn of haar kleur, klasse of kerk verantwoordelijk om het  verdriet van kinderen die gepest worden te voorkomen.
Wij moeten, door het geode voorbeeld te geven, voorkomen dat gepeste kinderen voor de trein springen van ellende,  daar kan geen wet of protocol tegenop.
Neem zelf als lid van de maatschappij de verantwoordelijkheid in plaats van die steeds in de schoenen van onderwijs te schuiven!